Selecteer een pagina

#2 Zweden

Hå Sverige!

Inmiddels zijn we een week verder en dat betekent, net zoals dat in Nederland of waar dan ook gaat, een handjevol -of bus in ons geval- nieuwe ervaringen. We seinden jullie als laatste in toen we ons op Rømø bevonden, een schiereiland aan de Westkust van Denemarken. Ondanks dat het best fijn was elegant in het mulle zand van het autostrand te parkeren (lees: pardoes klem rijden, vrouwen kunnen best inparkeren) en te genieten van de rust die hier al was te vinden, was het tijd om verder te trekken. Want Zweden riep, we hoorden het allebei.

Maar alvorens Zweden te betreden moesten er natuurlijk nog de nodige kilometers worden afgelegd en water worden overstoken. Besloten werd Denemarken binnendoor te doorkruisen, met misschien nog één rustplek om te overnachten. Gevonden werd uiteindelijk, na lange zandwegen, een plek aan de Flyndersø. Een fijne plek in de buurt van veel natuur, schapen en ‘s avonds meer dieren als muggen en ja, misschien wel vissen. Jullie raden het al, deze plek is onderdeel van een nieuwe legende uit ‘the story of ..’ want hier werd door Léon (goed gedaan!) de eerste vis gevangen. Over het soort maar vooral het formaat later meer; het was immers al drie uur ‘s nachts toen de hengel werd ingepakt dus het was laat genoeg. 

 

Volgende morgen is er aan ochtendgymnastiek deelgenomen door het van links naar rechts bekiten van de Flyndersø. De wind bleek goed en het uitzicht nog beter. Hiermee voldoende energie opgedaan om de boot in Frederikshavn te ontvangen en dus Denemarken (in stofwolken) uit te zwaaien.

De boot werd genomen om 00.15 uur want dan is de truckerslounge met thee en geen mensen het beste (uitzonderlijke situatie op betreffende overtocht). Het was ook hier dat we ontdekten dat het donker van de Noordkant lichter was dan het donker van de Zuidkant en we met onze blik op deze Zuidkant, planeet Mars konden aanschouwen (best wel gaaf). Nu al benieuwd wat, in deze categorie, de maansverduistering rond 27 juli te bieden heeft. Om 3 uur ‘s nachts op donderdagmorgen 19 juli bereikten we Göteborg.

‘Hi, Zweden!’, gaven we op het eerder aangehoorde geroep terug, en dat met enthousiasme want het gevoel dat Zweden ons geeft is met het zetten van de eerste stap in deze, bijzonder goed. What a feeling, wat een fijn land. Hoewel Göteborg als een waanzinnige stad oogde hebben we deze niet veel kans gegeven maar zijn we meteen uit de stad getrokken om een rustige slaapplek te vinden wat uiteindelijk ergens onder een ruïne in de buurt van het historische plaatsje Kungälv werd. Volgende dag na een rondje ruïne (uit 1700) zijn we verder getrokken naar een plek met meer rust. Gedurende deze tocht bleef Zweden fijn, met haar zachte en groene natuur, rode houten huisjes en de vele wateren. Ons geeft Zweden een gevoel van ‘leven’ meer dan wat we in Denemarken vonden. Denemarken droeg veel geel; een degelijke behuizing (blokkendozen) en veel, eigenlijk te veel, ruimte waar Denemarken in onze ogen geen raad mee wist. Zweden daarentegen is ruim maar oogt gemoedelijk, waarschijnlijk door het eerder beschrevene: de wateren, het groene, het zachte en de knusse, rode behuizing.

We vonden een gemoedelijke plek bij het meer Ötsjön om meerdere dagen door te brengen. We hadden de beschikking over strand, vele frambozen, een meer om in te vissen en over te kitesurfen en vriendelijke mensen die in kleine getale even kwamen badderen. Onder deze bezoekers ook twee opgedane in hetzelfde schuitje (of beter: campertje) verkerende verstekelingen, Daan en Annouk, zij verbleven een dag en nacht met ons op deze plek. Er werd frambozenjam gemaakt, gezwommen, gevist, gekite en in het riet gevlogen (trucje van Daan). Iedereen en alles bleef heel, zo goed als, maar dat is niet anders dan verwacht met gezellige zwarte waakhond Bella. Op het menu stond onder andere vers gevangen vis, bulgur, pasta en frankfurters, en dat uiteraard in een smakelijke compositie. De knapperige voorntjes smaakten naar meer, bijna dan, hopelijk volgende keer in de vorm van een regenboogforel.

Op zaterdag 21 juli met de opgedaane verstekelingen door naar een andere plek, Köttsjön. Met het bereiken van deze plek opent zich voor ons een nieuw Zweden. De natuur wordt grilliger met een meer dat nauw is omzoomd met ruige sparren. De vissen hier zijn slim en bijten niet zomaar elke vlieg die op het waterdek wordt geworpen. We douchen door in het meer te duiken en we beperken ons niet meer tot eten van ‘hallon’ (frambozen), maar plukken ook hier en daar ‘blåbär’ (bosbessen) en ‘smultron’ (bosaardbeien). Wij stellen ons voor dat deze plek aandoet als Canada al baseren we dat slechts op andermans ervaringen en foto’s. Na een goede hike, visvaart en het opgedane gevoel echt weg te zijn, scheiden de wegen van camper Fred (plus inhoud Daan, Annouk, Bella) en camper X, onze witte bus die nog een naam mag krijgen. Suggesties hiervoor zijn welkom en kunnen worden ingediend, een pot frambozenjam hebben we te vergeven voor de meest passende indiening. Grijp je kans.

 

Met het verlaten van Köttsjön verwachten we een nieuw hoofdstuk van Zweden te openen. Met inmiddels 2000 kilometers afgelegd is beweging in het landschap en onze aanpassing hieraan zichtbaar. Zachte, groene, stranden worden vervangen door ruige kiezels; kleurige tere bloemen door stugge gekleurde heide. De zelf gecreëerde jerrycandouche maakt plaats voor doucheduiken in donkere meren. Smaakloze voorntjes evolueren in smakelijke forellen en muggen in misschien wel beren.

Wat het Zweden boven Köttsjön te bieden heeft gaan we in de komende dagen ontdekken, onze vondst showen we jullie later. We passen op elkaar en op voor beren, branden en muggen. Dankjewel voor jullie leuke reacties en natuurlijk alle goeds aan jullie. En, vergeet niet, we hebben een pot Ötsjön frambozenjam (fancy, ne?) te vergeven voor a) een succesvolle suggestie voor onze witte bus; b) de betekenis van het Zweedse ‘loppis’ en c) de verklaring waarom alle Zweedse (spar)bomen van boven afgebladderd zijn. Alvast dank voor de eventuele verlossing!

Tot snel, lieve groet, Léon en Anouk